En dat je dan op het laatste moment denkt “als ik nu in de auto stap dan ben ik precies op tijd op de juiste plek. De plek waar herdacht wordt ”

Dan kan ik wel schrijven “mijn vader is een held” maar het was juist vanuit mijn geboortedorp Klaaswaal dat de helden hun verzetswerk deden dus daar hoor ik eigenlijk de 4e mei te herdenken. Dit jaar was het thema ‘verzet’ dus…….

begraafplaats Klaaswaal

De algemene begraafplaats Klaaswaal

Wat ben ik blij dat ik gegaan ben. Ik schudde de handen van oud dorpsgenoten. Praatte met oudere inwoners van Klaaswaal over mijn vader. Zwaaide naar verre familie en zie dat dochters van een oud verzetstrijder, een groepsgenoot van mijn vader, de krans leggen. De zussen zijn niet in Klaaswaal geboren, kennen ook eigenlijk het dorp niet maar weten wel waar het huis van Jan de Su staat. Daar, waar nu mijn achternicht woont, woonde vroeger hun familie. Zij hebben slechts die ene herinnering. Ik heb er heel veel. Zo lopend in de stille tocht vanaf de begraafplaats naar het monument in het dorp gaat mijn schooltijd met me mee. Hier stond mijn school en daarnaast woonde  mijn oom en tante. Hier gingen we op de foto en daar viel ik eens ongenadig hard op m’n gezicht. Schilder Bijl, het oude postkantoor, de Végé, Hermpie de kapper…… Het komt allemaal voorbij en ik zie vreemde gezichten voorbij gegaan. Met Leen Mosterdijk heb ik even een halve eeuw doorgenomen. Piet Vollaard herkende me niet en Arie v.d. Veer moest drie keer kijken. “Ik ben ook al 82 hoor” terwijl zijn vrouw Nel gewoon Facebook heeft en me bij naam herkende.

Binnenlandse strijdkrachten Klaaswaal. Middelste rij 2e van links (staande) is mijn vader.

Tijdens de plechtigheid zit ik op de plaats waar de muziektent stond, ik zie mezelf weer staan bij de bungalow van de familie Witte waar ik altijd zwaaide naar hun zoon Piet als hij weer in zijn vliegtuig over vloog. Alle vliegtuigen hadden vroeger Piet als piloot. Terwijl de muziekvereniging Prinses Juliana mijn herinneringen mee blaast zie ik zelfs de kleuterschool waar ik hevige verkering had met de dochter van bakker Everaers. Rozig en sproeten. Hoe kan het verkeren? Na bloemen en een moment bij het 40-45 monument zie ik een brede glimlach en een knik van de dirigent. Ook nog familie. Van moeders kant van ‘d’n Histert’ en het blijkt dat de ‘last post’ gespeeld werd door mijn andere achterneef. Ik had hem niet herkend. Net zo zeer als de man die voor mij zat. Zo’n bekend gezicht maar ik kon hem niet plaatsen. Even dacht ik dat het m’n oude vriendje Gert Vermaas was maar ik heb het niet gevraagd. Stom achteraf.

Christelijke school Eben Haezer Klaaswaal. Ik zit op de onderste rij 2e van rechts. Naast vriend Gert Vermaas

Ik heb meer namen niet gevraagd maar ik ‘kende’ ze wel.  Van het nieuwe Klaaswaal naar de oude begraafplaats is best een eindje lopen. De Voorstraat had ik lang niet gezien en ik ben regelmatig gestopt om rond te kijken. Gelukkig stond de naam Van Rennes op de buitenkant van de vervallen gevel anders had ik het niet herkend. Er stond immers geen winkel meer naast. De oude cafetaria, de winkels van Van Garderen en de ‘groente & fruit”  van Piet Bos……

Een man vroeg mij of ik misschien wist waar het “Sanders slop” was. Zijn vader sprak er vroeger altijd over. “Nou hier.  We staan er nu recht voor” Terwijl we de Botjesstraat in keken vroeg de man zich af of dit echt wel dat legendarische straatje was. Er is zo weinig van over zei hij een beetje teleurgesteld. Ik had me er meer van voorgesteld…….

Eigenlijk was dit wel de samenvatting van deze avond. ‘Er is zo weinig meer van over’. Het nieuwe Klaaswaal is mooi. Het oude Rankpad, waar mijn ouders woonden is nu ook nieuw statig Klaaswaal. En toch zag ik even weer die mooie duizenden bloemblaadjes liggen toen ik mijn ogen dicht deed. Zoals er zoveel blijft als we onze ogen even dicht doen. Toen ik het ‘Sanders slop’ doorliep en naast de oude sigarenwinkel van Meeuw omhoog ging zei de man achter me. “Wat een vuulte groeit er hier. Had m’n vader vroeger niet gepikt”. We liepen omhoog en lieten ‘de vuulte de vuulte’. Dat hoort dan misschien een beetje bij het nieuwe Klaaswaal. Ik liep de Christelijke schooldijk weer uit naar de begraafplaats waar m’n auto stond. De laaghangende grote rode zon gaf de begraafplaats een mooie gloed. Nog even gedag zeggen bij m’n vader en moeder. Vanaf die ene plek zag ik mijn ouderlijke huis, de kerk, de watertoren en m’n hele jeugd. Ik heb op die plek toch maar even wat “vuulte” weg gehaald.